Beschrijvend bodemonderzoek

Doel

In een beschrijvend bodemonderzoek wordt een bodemverontreiniging afgeperkt. Dit gebeurt door het plaatsen van boringen en/of peilbuizen rond de verontreiniging en in de diepte. In het kader van een beschrijvend bodemonderzoek gelden de perceelsgrenzen van een terrein niet als beperkend. De contaminatie dient volledig in kaart gebracht te worden, over de perceelsgrenzen heen.

Het is de bedoeling om zo een driedimensionaal beeld te krijgen van de vervuiling die onder de grond zit. Indien er in één van de omringende boringen en/of peilbuizen nog bodemverontreiniging wordt aangetroffen, dan wordt verder afgeperkt tot alle boringen en/of peilbuizen rondom de verontreiniging en in de diepte proper zijn.

In een beschrijvend bodemonderzoek wordt de aard, de verdeling en de oorsprong van de verontreiniging vastgelegd. Ook het bepalen van de juiste geologische samenstelling van de bodem is belangrijk. Dit geeft immers een zicht op de wijze waarop de verontreiniging zich kan verspreiden. Daarnaast is het ook een zeer belangrijke factor bij de berekening van de saneringscriteria. Uit de stromingsrichting en -snelheid van het grondwater kan de mogelijkheid op verspreiding van de verontreiniging afgeleid worden. Tenslotte wordt het risico voor mens, dier en plant geëvalueerd. Op basis van een uitgebreide risico-evaluatie wordt een uitspraak over de saneringsnoodzaak gedaan.

Historische verontreiniging wordt gesaneerd als het beschrijvend bodemonderzoek de aanwezigheid van een ernstige bodemverontreiniging aantoont. Dit wordt berekend met de hulp van risico-evaluatiemodellen of door rechtstreekse meting van de blootstelling van mens of milieu aan de bodemverontreiniging.

Nieuwe verontreiniging wordt gesaneerd als de bodemverontreiniging de bodemsaneringsnormen ter plaatse overschrijdt.

Wanneer moet een BBO uitgevoerd worden?

Een beschrijvend bodemonderzoek dient te worden uitgevoerd wanneer er aanwijzingen zijn dat er op een terrein een ernstige verontreiniging aanwezig is. Meestal blijkt dit uit een oriënterend bodemonderzoek, maar er kan ook onmiddellijk tot een beschrijvend bodemonderzoek worden overgegaan, bijvoorbeeld bij schadegevallen. De ouderdom van de vastgestelde verontreiniging zal bepalend zijn voor wat u dan moet doen:

  • Nieuwe verontreiniging (= bodemverontreiniging ontstaan na 29 oktober 1995, de datum waarop het Bodemsaneringsdecreet in werking trad): Blijkt dat de bodemverontreiniging de bodemsaneringsnormen overschrijdt of dat dreigt te doen, dan is er een zelfstandige saneringsplicht en moet u een beschrijvend bodemonderzoek laten uitvoeren. Naast de aard en de concentraties van de verontreinigende stoffen zal het beschrijvend bodemonderzoek de ernst van de bodemverontreiniging bepalen.
  • Historische verontreiniging (= bodemverontreiniging ontstaan vóór 29 oktober 1995): Als blijkt uit het oriënterend bodemonderzoek dat er duidelijke aanwijzingen zijn dat de bodemverontreiniging een ernstige bedreiging vormt, dan moet u een beschrijvend bodemonderzoek laten uitvoeren.
  • Gemengde verontreiniging (= bodemverontreiniging ontstaan gedeeltelijk voor 29 oktober 1995 en gedeeltelijk na 29 oktober 1995): Hier moet een bodemsaneringsdeskundige het onderscheid maken tussen het aandeel historisch en het aandeel nieuwe verontreiniging.

Uit het beschrijvend bodemonderzoek blijkt of een bodemsaneringsproject nodig is.

Wie dient in te staan voor de uitvoering?

De verplichting om over te gaan tot een beschrijvend bodemonderzoek rust op:

  • hetzij de exploitant van een vergunningsplichtige inrichting of activiteit, die gevestigd is op de grond waar de verontreiniging tot stand kwam;
  • hetzij de eigenaar van de grond waar de verontreiniging tot stand kwam; zolang deze niet aan kan tonen dat een andere persoon de feitelijk controle heeft over deze grond. In dat geval rust de verplichting op deze andere persoon.

De kosten voor het uit voeren van een beschrijvend bodemonderzoek en, desgevallend, een bodemsanering, kunnen eventueel verhaald worden op een saneringsaansprakelijke. Dit is degene die de bodemverontreiniging heeft veroorzaakt.

Image
Image
Image
Image